Golf van onrust

In oktober 1984 is het monument opgericht. Aanleiding is de oprichting van Broedertrouw in 1889, hier is het verhaal:

Op 27 november 1889 zitten in de herberg van Jinstje Scholten in de Friese gemeente Het Bildt zo’n 50 landarbeiders bijeen. Zij hebben gehoor gegeven aan een oproep in de krant geplaatst door de landarbeiders: Durk Kuik en Jan Stap. De vergadering start rustig, maar als een van de vergaderaars zijn hart lucht over het onrecht op het platteland, lopen de gemoederen snel op. Afgegeven wordt op het systeem van koppelbazen en ook de grieven omtrent de slecht betaalde vrouwen- en kinderarbeid komen aan de orde. In deze stemming wordt de hoofdzakelijk uit landarbeiders bestaande vereniging “Broedertrouw” opgericht. Germ van Tuinen, visser en landarbeider uit Lieve Vrouwenparochie, wordt gekozen tot voorzitter en Jan Stap, uit Sint Jacobiparochie, tot vice-voorzitter. Het nieuws van de oprichting van Broedertrouw gaat als een lopend vuurtje door Het Bildt. Het aantal leden neemt snel toe. Het doel van de vereniging luidt: “De vereniging stelt zich ten doel lotsverbetering der arbeiders in de eerste plaats. Niettemin zal zij de overige belangen der arbeiders in ’t bijzonder en van de vierde stand in het algemeen, niet uit het oog verliezen. Met alle ten dienste staande middelen zal zij trachten dit doel te bereiken”.

De afdeling St. Jacobiparochie van Broedertrouw formuleert in het voorjaar van 1890 haar looneis en legt die voor aan de boeren. In de regel wordt zo’n negen cent per uur betaald. Broedertrouw wenst een loon van twaalf cent. De boeren weigeren op het voorstel in te gaan met als gevolg dat op 17 mei de landarbeiders het werk neerleggen. Binnen een week wordt de looneis ingewilligd. De afdeling St. Annaparochie slaagt er direct daarna in dezelfde looneis ingewilligd te krijgen. De poging van Broedertrouw om tot een loonactie te komen voor geheel Noordelijk Friesland mislukt echter. Op een bijeenkomst, door Broedertrouw bijeengeroepen, verschijnen achtentachtig bestuursleden van landarbeidersverenigingen uit veertien plaatsen. Maar de organisaties buiten Het Bildt voelen zich te zwak om aan een loonactie deel te nemen. Op de bijeenkomst wordt ook gesproken over een landelijke landarbeidersbond, maar tot besluiten komt het niet.

De reactie op het succes van Broedertrouw komt spoedig. In het midden van 1890 vinden 150 boeren in Het Bildt elkaar en verbinden zich tot onderlinge steun bij werkstaking. Ze stellen voor “goedgezinde” arbeiders een minimumloon van tien cent vast, maar bovenal zullen zij: ‘hun vrijheid om de werktijd en de wijze van werken naar welgevallen te regelen’ onder geen beding prijsgeven. Desondanks slaagt Broedertrouw op 1 augustus er in een overeenkomst te sluiten met 35 boeren waarin het loon op twaalf cent per uur wordt bepaald. Bij de overige boeren wordt het werk op 5 augustus neergelegd. Het aantal stakers bedraagt 150 en het verloop van de staking is rustig.

De regering besluit desondanks 100 man infanterie, 25 veldwachters en een aantal marechaussees naar het ‘oproerige’ gebied te zenden. De landbouwers trachten de staking te breken met behulp van onderkruipers die ze 15 cent per uur betalen met kost en inwoning. Germ van Tuinen en Jan Stap, de stakingsleiders, worden er van beschuldigd onderkruipers met de dood te hebben bedreigd. Beide worden echter vrijgesproken. Hun advocaat heet: Pieter Jelles Troelstra.
Beide partijen in de staking zijn onwrikbaar. De staking duurt tot in de winter voort. Veel stakers vinden elders werk. De boeren krijgen de oogst met veel moeite en met hoge kosten binnen. Met de geldelijke steun die Broedertrouw weet in te zamelen worden de stakers in de winter aan het vlasbraken gezet. In het voorjaar van 1891 laait de strijd weer op. Broedertrouw stelt dezelfde eisen als het jaar ervoor. De staking verbreedt zich tot de hele gemeente. Herhaaldelijk komen stakers in botsing met de politie. De boeren besluiten de leden van Broedertrouw voortaan niet meer in dienst te nemen. Ondanks dat de stakingsuitkering laag is, vaak niet meer dan /2,50 per week, houden de ongeveer 500 stakers het een tijdlang vol. Als blijkt dat de boeren zelfs in de drukke oogsttijd niet toegeven, begint de staking te verlopen. Velen bedanken voor de bond en gaan weer aan het werk. Begin september wordt de staking beeindigd. Niet alleen de staking is verloren, maar ook de organisatie gaat teniet. In 1892 vormt Broedertrouw zich om tot een gewone afdeling van de Sociaal Democratische Bond; er zijn dan nog maar 23 leden over van de ruim 600 op het hoogtepunt van de organisatie.